ECLI:NL:GHSHE:2023:187
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bank schendt geen zorgplicht bij verstrekking hypothecair krediet ondanks vermeende overfinanciering
Appellant vorderde in eerste aanleg een verklaring voor recht dat de bank haar zorgplicht had geschonden door een te hoog bedrag aan hypothecaire financiering te verstrekken. De rechtbank wees deze vordering af. In hoger beroep handhaafde appellant zijn standpunt dat sprake was van overfinanciering bij de herfinanciering van zijn woning.
Het hof stelde vast dat de verhoging van de lening samenhing met de aflossing van eerdere leningen en de betaling van noodzakelijke kosten verbonden aan het oversluiten, waaronder boeterente, taxatiekosten en notariskosten. Daarnaast was een deel van de lening bestemd als inleg voor een beleggingsrendementsdepot. Hierdoor was er geen sprake van een onnodige of onverantwoorde kredietverstrekking.
Het hof oordeelde dat de bank geen zorgplicht had geschonden en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij schade had geleden door de vermeende schending. De grieven van appellant werden verworpen en het vonnis van de rechtbank Limburg werd bekrachtigd. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellant af wegens ontbreken van schending van de zorgplicht door de bank.