ECLI:NL:GHSHE:2022:4147
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Op tegenspraak
- P.T. Gründemann
- E.A.A.M. Pfeil
- G.J. Schiffers
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens intrekking door verdachte
De verdachte was in eerste aanleg veroordeeld voor meervoudige verduistering tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden, een taakstraf van 160 uren en een schadevergoeding van €47.722,81 aan de benadeelde partij. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 17 november 2022 gaf de raadsman aan dat de verdachte zijn bezwaren tegen het vonnis niet langer handhaafde en het hoger beroep wenste in te trekken. De advocaat-generaal stemde hiermee in, ondanks dat de intrekking formeel te laat was. Het hof oordeelde dat er geen belang meer was bij verdere behandeling van het hoger beroep en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van het gerechtshof 's-Hertogenbosch op 1 december 2022. De raadsheren P.T. Gründemann, E.A.A.M. Pfeil en G.J. Schiffers namen het arrest in tegenwoordigheid van griffier N. van der Velden. Mr. Gründemann en mr. Pfeil waren niet in staat het arrest mede te ondertekenen.
De vordering van de benadeelde partij was in eerste aanleg gedeeltelijk toegewezen, met een schadevergoedingsmaatregel opgelegd. Het hoger beroep richtte zich op de straf en de civiele vordering, maar werd door intrekking van de verdachte niet inhoudelijk behandeld.
Uitkomst: Het hoger beroep van de verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens intrekking.