Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
tenlastegelegd onder 1 en 2 in de zaak met parketnummer 02-224853-20), belaging (
tenlastegelegd onder 1 in de zaak met parketnummer 02-212804-20), mishandeling (
tenlastegelegd onder 2 in de zaak met parketnummer 02-212804-20) en bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht (
tenlastegelegd onder 3 in de zaak met parketnummer 02-212804-20) veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, met aftrek van voorarrest, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren.
(het hof begrijpt: de dagvaardingen in de zaken met parketnummers 02-224853-20 en 02-212804-20). Het is echter evident dat de politierechter, naast de tenlastelegging in de zaak met parketnummer 02-224853-20 overeenkomstig de dagvaarding, in de zaak met parketnummer 02-212804-20 is uitgegaan van de ter terechtzitting van 18 februari 2021 gewijzigde tenlastelegging, gezien de tekst van de bewezenverklaring.
- Ten aanzien van de zaak met parketnummer 02-224853-20: dossierpagina’s van het doorgenummerde dossier van de politie Eenheid Zeeland-West-Brabant, District De Markiezaten, Basisteam Bergen op Zoom, zaakregistratienummer PL2000-2020299538, opgemaakt door [verbalisant 1] , sluitingsdatum: 13 november 2020, pagina 1 tot en met 81;
- Ten aanzien van de zaak met parketnummer 02-212804-20: dossierpagina’s van het gedeeltelijk genummerde dossier van de politie Eenheid Zeeland-West-Brabant, District De Markiezaten, Basisteam Bergen op Zoom, zaakregistratienummer PL2000-2020315743, opgemaakt door [verbalisant 2] , sluitingsdatum: 30 november 2020.
van de gevoegde zaak met parketnummer 02-212804-20), en de daarbij gevoegde bijlage 1, voor zover inhoudende e-mailberichten verstuurd in de periode van 29 augustus 2020 tot en met 5 september 2020 van smartphone Samsung Galaxy S6;
van de gevoegde zaak met parketnummer 02-212804-20), voor zover inhoudende dat aangeefster bij haar ouders is gaan wonen aan [adres 2] ;
(het hof begrijpt: naar haar ouders)en dat er sprake was van een grove inbreuk op haar privacy en gevoelens van veiligheid en vrijheid. Ter terechtzitting in eerste aanleg is namens de benadeelde partij voorts onder meer nog naar voren gebracht dat het camerasysteem is aangeschaft uit een gevoel van veiligheid, om te voorkomen dat het verder uit de hand zou lopen en om de kans op herhaling te voorkomen. Deze kosten ad € 2.147,75 komen derhalve voor vergoeding in aanmerking. Uit de overgelegde factuur volgt dat dit de gemaakte kosten voor het camerasysteem zijn die door een beveiligingsbedrijf in rekening zijn gebracht. Het ontbreken van een betalingsbewijs, zoals door de verdediging is aangevoerd, is geen vereiste en brengt het hof niet tot een ander oordeel.
- de kosten ten aanzien van het camerasysteem ad € 2.147,75;
- reiskosten ad € 1.148,68.
,nu het hof het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert. Het hof zal daarbij bepalen dat gijzeling voor na te melden duur kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verschuldigdheid niet opheft.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
367 (driehonderd-zevenenzestig) dagen.
360 (driehonderdzestig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.
maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid inhoudende dat de veroordeelde voor de duur van 3 jaren op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer], geboren op [geboortedag slachtoffer] 1994 te [geboorteplaats slachtoffer] , en haar ouders.
Beveelt dat de opgelegde maatregel dadelijk uitvoerbaar is.
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]
€ 5.296,43 (vijfduizend tweehonderdzesennegentig euro en drieënveertig cent) bestaande uit € 3.296,43 (drieduizend tweehonderdzesennegentig euro en drieënveertig cent) materiële schade en € 2.000,00 (tweeduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
€ 5.296,43 (vijfduizend tweehonderdzesen-negentig euro en drieënveertig cent) bestaande uit € 3.296,43 (drieduizend tweehonderd-zesennegentig euro en drieënveertig cent) materiële schade en € 2.000,00 (tweeduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.