ECLI:NL:GHSHE:2021:937
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling zonder schone lei wegens tekortkomingen saniet
Appellante was in 2018 toegelaten tot de schuldsaneringsregeling. De rechtbank Limburg beëindigde deze regeling tussentijds op verzoek van de bewindvoerder omdat appellante haar verplichtingen niet naar behoren nakwam en de uitvoering van de regeling belemmerde. Tevens waren feiten bekend die bij toelating tot de regeling reeds bestonden en reden zouden zijn geweest tot afwijzing.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij door bedreigingen en geweld haar onderneming moest beëindigen, wat leidde tot schulden. Zij stelde ook dat medische omstandigheden haar belemmerden en dat zij onvoldoende gelegenheid had gehad voor een medische keuring. Daarnaast betwistte zij dat zij verslaving had verzwegen bij toelating.
De bewindvoerder stelde dat appellante structureel haar informatieplicht schond, een boedelachterstand had laten ontstaan en geen realistisch plan had overgelegd om deze in te lopen. Ook was zij niet bereikbaar en gaf zij onvoldoende medewerking. Het hof oordeelde dat appellante tekortkomingen haar kunnen worden verweten, dat er geen concrete aanwijzingen zijn dat voortzetting tot gedragsverbetering zal leiden en dat de rechtbank terecht de regeling tussentijds heeft beëindigd zonder schone lei.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek tot voortzetting van de schuldsaneringsregeling af.
Uitkomst: De tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wordt bekrachtigd zonder toekenning van een schone lei.