In deze zaak staat het hoger beroep centraal tegen een beschikking van de kantonrechter over ontslag op staande voet van een werknemer. Het hof heeft de werkgever opgedragen om alle relevante onderzoeksgegevens over de periode van 3 tot en met 14 juli 2019, waaronder camerabeelden en kassajournaal, in het geding te brengen met een toelichting. De werknemer heeft hierop gereageerd, waarna het hof de werkgever een nadere toelichting heeft gevraagd op specifieke punten, zoals ontbrekende camerabeelden en de volledigheid van journaaloverzichten.
Het hof stelt vast dat de werkgever haar onderzoeksgegevens heeft ingebracht, maar dat er onduidelijkheden zijn over de volledigheid en authenticiteit van deze gegevens. Daarom wordt de werkgever in de gelegenheid gesteld om nader te reageren op de gestelde vragen en de antwoordakte van de werknemer. De werknemer krijgt vervolgens ook de mogelijkheid om hierop te reageren. Het hof sluit niet uit dat een nieuwe mondelinge behandeling of bewijsopdracht nodig zal zijn.
Gezien de complexiteit en de te verwachten proceskosten adviseert het hof partijen om een schikking te overwegen. Indien partijen tot overeenstemming komen, dient het hoger beroep te worden ingetrokken. Tot die tijd houdt het hof iedere verdere beslissing aan. De beschikking is gegeven door drie rechters en op 21 januari 2021 in het openbaar uitgesproken.