ECLI:NL:GHSHE:2020:3738

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
3 december 2020
Publicatiedatum
4 december 2020
Zaaknummer
200.269.988_01
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 810 Rv
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming bijzondere curator voor belangenbehartiging van minderjarige kinderen in omgangsgeschil

In deze civiele zaak in hoger beroep tussen de vader en moeder van twee minderjarige kinderen heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch besloten een bijzondere curator te benoemen voor de belangenbehartiging van de kinderen. Zowel de vader als de moeder stemden in met de benoeming van mr. J.G.M. Daemen als bijzondere curator.

De bijzondere curator krijgt de opdracht om te onderzoeken of en onder welke voorwaarden de kinderen bereid en in staat zijn contact met hun vader te hebben, zodat zij een eigen vaderbeeld kunnen ontwikkelen. Tevens moet de curator onderzoeken of een BOR-, MST- of vergelijkbaar traject wenselijk en mogelijk is, waarbij het huidige gezinssysteem en de bereidheid van de moeder en stiefvader om emotionele ruimte te bieden, worden betrokken.

Het hof benadrukt dat de ouders volledige medewerking aan de curator moeten verlenen en dat het onthouden van toestemming gevolgen kan hebben. De curator dient vóór 3 maart 2020 een rapport uit te brengen, waarna de verdere behandeling van het hoger beroep pro forma wordt aangehouden. De beschikking is op 3 december 2020 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Het hof benoemt een bijzondere curator die onderzoek doet naar contactmogelijkheden tussen de minderjarige kinderen en hun vader en houdt de verdere behandeling aan tot het rapport is uitgebracht.

Uitspraak

GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
Team familie- en jeugdrecht
Uitspraak: 3 december 2020
Zaaknummer: 200.269.988/01
Zaaknummer eerste aanleg: C/03/254274/ FA RK 18/3220
in de zaak in hoger beroep van:
[de vader],
wonende te
[woonplaats],
verzoeker in hoger beroep,
hierna te noemen: de vader,
advocaat: mr. R.P.F. Rober,
tegen
[de moeder],
wonende te
[woonplaats],
verweerster in hoger beroep,
hierna te noemen: de moeder,
advocaat: mr. G.D. Jongen.
Deze zaak gaat over:
  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] 2005 te [geboorteplaats];
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] 2009 te [geboorteplaats].
In zijn hoedanigheid als omschreven in artikel 810 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend:
de Raad voor de Kinderbescherming,
regio Zuidoost Nederland, locatie [locatie],
hierna te noemen: de raad.

5.De beschikking van 5 november 2020

5.1.
Bij die beschikking heeft het hof bepaald dat de moeder en de vader zich uit kunnen laten over het voornemen van het hof mr. J.G.M. Daemen te [kantoorplaats] tot bijzondere curator over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te benoemen. Het hof heeft de zaak in afwachting van de reactie van de ouders pro forma aangehouden tot 19 november 2020.

6.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

6.1.
De vader heeft bij V8-formulier van 10 november 2020 het hof geïnformeerd in te stemmen met de benoeming van mr. J.G.M. Daemen als bijzondere curator.
6.2.
De moeder heeft bij V8-formulier van 9 november 2020 het hof eveneens bericht in te stemmen met de benoeming van mr. J.G.M. Daemen als bijzondere curator.

7.De verdere beoordeling

7.1.
Gelet op het voorgaande zal het hof overgaan tot benoeming van mr. J.G.M. Daemen te [kantoorplaats] als bijzondere curator over [minderjarige 1] en [minderjarige 2].
7.2.
Aan de bijzondere curator wordt de opdracht gegeven om te onderzoeken:
- of, en zo ja, zo nodig onder welke voorwaarden, [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in staat en bereid zijn om enigerlei vorm van contact met hun vader te hebben, teneinde zelf een vaderbeeld te kunnen ontwikkelen;
- of, en zo ja, onder welke voorwaarden een BOR-, MST- of daarmee vergelijkbaar traject mogelijk en wenselijk is; daarbij dient het huidige gezinssysteem betrokken te worden en met name de vraag of de moeder en de stiefvader in staat en bereid zijn, zo nodig met hulpverlening, aan de kinderen emotionele ruimte te geven om hun vader te leren kennen en mee te werken aan een BOR, MST- of daarmee vergelijkbaar traject;
- hetgeen de bijzondere curator overigens in het belang van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] dienstig acht in het licht van het geschil tussen de ouders.
7.3.
Het hof verzoekt de bijzondere curator om bij het uitvoeren van zijn opdracht aandacht te besteden aan alles wat hiervoor is overwogen, daarbij inbegrepen de beschikking van dit hof van 5 november 2020.
7.4.
Het hof heeft mr. J.G.M. Daemen (Daemen Poelman Berends Advocaten & Mediators)
[adres], [postcode] [kantoorplaats], bereid gevonden om als bijzondere curator voor [minderjarige 1] en [minderjarige 2] op te treden en zal hem als zodanig benoemen.
7.5.
Het hof wijst partijen er op dat zij worden geacht hun volledige ondersteuning en medewerking te geven aan de taakuitvoering van de bijzondere curator, die immers krachtens de wet de minderjarigen in de onderhavige kwestie zowel in als buiten rechte vertegen-woordigt. Aan het onthouden van toestemming door een ouder aan contacten tussen de bijzondere curator en de minderjarigen kan het hof de gevolgtrekking verbinden die hij geraden acht.
7.8.
Het hof zal bepalen dat de advocaten van de ouders de bijzondere curator van adres-,
e-mail en /of telefoongegevens voorzien, zodat zo spoedig als mogelijk afspraken kunnen worden gemaakt. Het hof zal een afschrift van de processtukken aan de bijzondere curator doen toekomen.
7.9.
Het hof verzoekt de bijzondere curator om vóór 3 maart 2020 rapport uit te brengen omtrent zijn bevindingen.
7.10.
In afwachting van het rapport zal het hof de verdere behandeling van het onderhavige hoger beroep aanhouden tot 3 maart 2020 pro forma.

8.De beslissing

Het hof:
benoemt de heer mr. J.G.M. Daemen, advocaat en mediator, kantoorhoudende aan de [adres], [postcode], te [kantoorplaats], tot bijzondere curator ten behoeve van de belangenbehartiging van [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] 2005 te [geboorteplaats] en [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] 2009 te [geboorteplaats], met als taakomschrijving als hiervoor beschreven onder rechtsoverweging 7.2;
beveelt dat de griffier van dit hof een afschrift van deze beschikking en een afschrift van alle stukken aan de bijzondere curator zal toezenden;
bepaalt dat de advocaten van de vader en de moeder per ommegaande adressen en telefoon- of e-mailgegevens van de vader en de moeder aan de bijzondere curator ter kennis brengt, zodat zo spoedig als mogelijk afspraken kunnen worden gemaakt;
verzoekt de bijzondere curator uiterlijk vóór de
pro forma datum van 3 maart 2020aan het hof schriftelijk te rapporteren;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mrs. J.C.E. Ackermans-Wijn, C.N.M. Antens en H.M.A.W. Erven en is op 3 december 2020 door mr. E.A.M. Scheij in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.