Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
8.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 5 juni 2018;
- het proces-verbaal van de enquête van 22 augustus 2018;
- het proces-verbaal van de contra-enquête van 21 november 2018;
- de memorie na enquête van [appellant] van 15 januari 2019;
- de memorie na enquête van [geïntimeerde] van 12 februari 2019.
9.De verdere beoordeling
Primair vordert [appellant] in feite nakoming van de OVG’s en subsidiair – na “herkwalificatie” van Uw College in voornoemd (tussen)arrest – terugbetaling op grond van onverschuldigde betaling (..). Indien vast komt te staan dat [appellant] geld heeft overhandigd aan [geïntimeerde] (..) moet [geïntimeerde] simpelweg linksom of rechtsom terug betalen.”
aangezien [geïntimeerde] de vernietiging van de OVG’s vordert met de daaraan verbonden rechtsgevolgen is het uiteraard aan [geïntimeerde] om hierover een stelling in te nemen. Voor dit moment handhaaft [appellant] dan ook zijn vorderingen in reconventie onverkort. (..)
Indien partijen daar[over die terugbetaling door [geïntimeerde] , hof]
vervolgens niet uit komen[bij een eventueel te gelasten comparitie, hof]
kan altijd nog doorgeprocedeerd worden en een deskundigenonderzoek plaatsvinden.”
Primair: (..) [geïntimeerde] , althans [de bewindvoerder] , te gelasten dat hij binnen 2 dagen na betekening van het in deze te wijzen arrest zijn volledige medewerking verleen[d]
t aan het (opnieuw) verlenen van een eerste hypothec[i]
aire inschrijving conform de hypotheekakte d.d. 13 december 2013 verleden voor mr. [notaris] , notaris te [standplaats] , op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 per (gedeelte van een) dag dat [geïntimeerde] in gebreke blijft aan deze veroordeling te voldoen.”.
Ik heb de bedragen telkens contant aan de heer [geïntimeerde] verstrekt. Ik werk veel met contant geld.(..)