Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
9.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 8 augustus 2017;
- de akte van Dexia van 29 augustus 2017.
10.De verdere beoordeling
- van de uit de overeenkomsten voortvloeiende restschulden 2/3 deel voor haar rekening komt en 1/3 deel voor rekening van [appellant] blijft;
- de door [appellant] betaalde maandtermijnen volledig voor zijn rekening blijven.
- ter zake de overeenkomst onder c: € 2.364,25, vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf 23 mei 2006;
- ter zake de overeenkomst onder d: € 6.821,49, vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf 17 april 2004.
11.De uitspraak
- ter zake de overeenkomst onder c: een bedrag van € 2.364,25, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf 23 mei 2006 tot de dag der voldoening;
- ter zake de overeenkomst onder d: een bedrag € 6.821,49, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf 17 april 2004 tot de dag der voldoening;
- ter zake de buitengerechtelijke kosten een bedrag van € 952,00 inclusief btw;