Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
Desgevraagd bleek tenslotte tijdens de mondelinge behandeling dat door [appellant] nog geen verzoek op grond van artikel 32 Rv Pro is ingediend, terwijl het voorts [appellant] vrijstaat - na een wel adequaat verlopen minnelijk traject - alsnog verzoeken bijvoorbeeld als bedoeld in artikel 287a Fw, in te dienen.