Uitspraak
[de vennootschap naar buitenlands recht] ,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met het procesdossier van de eerste aanleg, ingekomen ter griffie op 14 mei 2018;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling in eerste aanleg, ingekomen ter griffie op 18 juni 2018;
- het verweerschrift, tevens voorwaardelijk incidenteel hoger beroepschrift, met producties 7 tot en met 10, ingekomen ter griffie op 5 juli 2018, dat door de griffier van het hof bij brief van 5 juli 2018 aan de advocaat van [appellant] is toegezonden met bepaling dat het verweerschrift in incidenteel appel uiterlijk 16 juli 2018 door het hof moet zijn ontvangen;
- de brief van de advocaat van [appellant] van 9 juli 2018 aan het hof met het verzoek om de termijn voor het indienen van het verweerschrift in incidenteel appel te verlengen tot 3 augustus 2018;
- de brief van de griffier van het hof aan de advocaat van [appellant] van 11 juli 2018 met de mededeling dat het uitstelverzoek niet is gehonoreerd;
- productie 11 van [verweerster] , ingekomen ter griffie op 30 juli 2018;
- de brief van de advocaat van [appellant] van 8 augustus 2018 met de aankondiging van de wijziging van het verzoek;
3.De beoordeling in het principaal hoger beroep
Aanleiding, onderzoek en wederhoorgesprek op 23 september 2017
je op zijn minst de Financiële Richtlijnen hebt overtreden door geld van een gast in je eigen zak te steken. Daarnaast heb je ernstig verwijtbaar gehandeld door een bestelling te annuleren terwijl je de bestelling al hebt meegegeven. Tot slot zijn wij er van overtuigd dat als de manager jou niet direct had aangesproken, je het geld voor jezelf wilde houden waardoor je je schuldig had gemaakt aan diefstal.