Na op 28 januari 2009, 21 april 2010, 1 september 2010 en 24 november 2010 tussenvonnissen te hebben gewezen, heeft de rechtbank op 2 mei 2012 eindvonnis gewezen. De rechtbank heeft in conventie:
* bepaald dat de woning bij toedeling aan [appellant] moet worden gewaardeerd op € 390.000,-, op welk bedrag € 40.000,- in mindering wordt gebracht, zodat [appellant] bij toedeling van de woning aan hem, [geïntimeerde] en [appellante] ieder een bedrag van € 110.000,- dient te betalen;
* bepaald dat [appellant] vanaf 1 januari 2006 tot de datum waarop de woning aan hem wordt overgedragen de huur van € 252,70 per maand, te vermeerderen met de daarover verschuldigde wettelijke rente, aan de nalatenschap van [moeder] dient te voldoen;
* bepaald dat de door [geïntimeerde] betaalde gemeentelijke belastingen voor de woning over de jaren 2006 tot en met 2010 van in totaal € 2.504,13 moeten worden aangemerkt als een vordering van [geïntimeerde] op de nalatenschap van [moeder] ;
* bepaald dat de door [geïntimeerde] betaalde waterschapslasten over de jaren 2008 tot en met 2010 van in totaal € 207,32 moeten worden aangemerkt als een vordering van [geïntimeerde] op de nalatenschap van [moeder] ;
* bepaald dat de tot 2008 door [geïntimeerde] betaalde premies voor de opstalverzekering voor de woning voor een bedrag van € 279,66 en de door hem betaalde onderhoudskosten van de woning voor een bedrag van € 805,63 moeten worden aangemerkt als een vordering van [geïntimeerde] op de nalatenschap van [moeder] ;
* de proceskosten tussen partijen gecompenseerd en het meer of anders gevorderde afgewezen.
De rechtbank heeft in reconventie:
* [geïntimeerde] opgedragen vanaf de datum van overlijden van [moeder] aan [appellant] rekening en
verantwoording af te leggen over het beheer van een bepaalde effectenrekening;
* bepaald dat bij de verdeling van de nalatenschap van [moeder] een bedrag van € 363.024,17 en de over dit bedrag door [moeder] betaalde rente, als gift in mindering moet worden gebracht op het erfdeel van [geïntimeerde] , dat [geïntimeerde] de over de totale gift verschuldigde rente van zes procent vanaf [datum overlijden moeder] 2005 aan de nalatenschap dient te voldoen en dat [geïntimeerde] geen hoger bedrag hoeft in te brengen dan zijn erfdeel;
* bepaald dat bij de vaststelling van de omvang van de nalatenschap van [moeder] de vordering van [moeder] op [geïntimeerde] van € 249.125,34 bij de activa moet worden betrokken;
* bepaald dat [geïntimeerde] de huurpenningen over het jaar 2005 voor zover deze aan hem persoonlijk zijn toegekomen aan de nalatenschap van [moeder] dient te betalen;
* de kosten van de procedure tussen partijen gecompenseerd en het meer of anders gevorderde afgewezen.