Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
[verdachte] ,
verklaring van [plaats 2] [verdachte] :
en
- De feiten dateren van 12 november 2012, respectievelijk 4 januari 2013.
- De verdachte is in verzekering gesteld op 27 juni 2013.
- Het vonnis van de rechtbank is gewezen op 10 april 2015.
- Het openbaar ministerie heeft hoger beroep ingesteld op 22 april 2015.
- De verdachte heeft hoger beroep ingesteld op 24 april 2015.
- Het dossier is bij het hof binnengekomen op 22 oktober 2015.
- De eerste zitting bij het hof vond plaats op 9 juni 2015. Vervolgens vonden zittingen plaats op 25 augustus 2015, 17 november 2015, 9 februari 2016, 3 mei 2016, 28 juni 2016, 6 september 2016, 29 november 2016, 14 februari 2017, 9 mei 2017, 25 juli 2017, 17 oktober 2017, 8 december 2017 en ten behoeve van de sluiting van het onderzoek op 8 januari 2018.
- Het arrest van het hof is gewezen op 22 januari 2018.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
15 (vijftien) jaren.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 1]
€ 7.000,00 (zevenduizend euro) ter zake van immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is.
€ 7.000,00 (zevenduizend euro) als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
70 (zeventig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 2]
€ 5.500,00 (vijfduizend vijfhonderd euro) ter zake van immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is.
€ 5.500,00 (vijfduizend vijfhonderd euro) als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
55 (vijfenvijfig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 3]
€ 1.311,40 (duizend driehonderdelf euro en veertig cent) bestaande uit
€ 1.311,40 (duizend driehonderdelf euro en veertig cent) bestaande uit € 711,40 (zevenhonderdelf euro en veertig cent) materiële schade en € 600,00 (zeshonderd euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
13 (dertien) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 7]
€ 2.920,56 (tweeduizend negenhonderdtwintig euro en zesenvijftig cent) bestaande uit € 420,56 (vierhonderdtwintig euro en zesenvijftig cent) materiële schade en € 2.500,00 (tweeduizend vijfhonderd euro) immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is.
€ 2.920,56 (tweeduizend negenhonderdtwintig euro en zesenvijftig cent) bestaande uit € 420,56 (vierhonderdtwintig euro en zesenvijftig cent) materiële schade en € 2.500,00 (tweeduizend vijfhonderd euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
29 (negenentwintig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 5]
€ 5.500,00 (vijfduizend vijfhonderd euro) ter zake van immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is.
€ 5.500,00 (vijfduizend vijfhonderd euro) als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
55 (vijfenvijftig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 4]
€ 5.500,00 (vijfduizend vijfhonderd euro) ter zake van immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is.
€ 5.500,00 (vijfduizend vijfhonderd euro) als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
55 (vijfenvijftig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 6]
€ 7.000,00 (zevenduizend euro) ter zake van immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is.
€ 7.000,00 (zevenduizend euro) als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
70 (zeventig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.