Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen.
4.Gronden
5.Beslissing
- verklaart het hoger beroep ongegrond, en
- bevestigt de uitspraak van de Rechtbank.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende, eigenaar van een gemeubileerde vakantiewoning op een vakantiepark, kreeg een aanslag forensenbelasting opgelegd omdat hij de woning meer dan 90 dagen per jaar voor zichzelf of zijn gezin beschikbaar hield, terwijl hij niet in de gemeente hoofdverblijf had. Hij gebruikte de woning in 2013 voor 67 dagen via een verhuurbemiddelingsovereenkomst met een verhuurorganisatie.
De Rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en het Hof bevestigt deze uitspraak. Het Hof oordeelt dat de woning ook op dagen dat deze niet feitelijk verhuurd was, maar wel beschikbaar stond voor belanghebbende of zijn gezin, als beschikbaar wordt gehouden moet worden beschouwd. Het feit dat belanghebbende een reservering via de eigenarensite moest maken om de woning zelf te gebruiken, maakt dit niet anders.
De jurisprudentie van de Hoge Raad is hierbij leidend: eigen gebruik omvat ook de dagen waarop de woning niet verhuurd is maar niet aan derden ter beschikking is gesteld. De wijziging van de verhuurbemiddelingsovereenkomst in 2012 leidde tot een andere situatie dan in voorgaande jaren, wat de aanslag verklaart. Het Hof acht geen reden voor vergoeding van griffierecht of proceskosten en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag forensenbelasting bevestigd.