ECLI:NL:GHSHE:2016:463
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming en nieuwe schulden
De appellant is bij vonnis toegelaten tot de schuldsaneringsregeling. De rechtbank beëindigde deze regeling tussentijds omdat appellant meerdere kernverplichtingen niet naar behoren nakwam, nieuwe schulden liet ontstaan en relevante feiten en omstandigheden bij het verzoek tot toelating tot de regeling waren verzwegen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn gedragingen niet aan hem zijn toe te rekenen vanwege een psychische stoornis en alcoholafhankelijkheid, en dat tijdens zijn detentie geen nieuwe schulden zijn ontstaan. De bewindvoerder stelde echter dat appellant zijn problematiek jarenlang ontkende, nieuwe schulden ontstonden tijdens detentie en dat hij bewust onjuiste informatie verstrekte.
Het hof oordeelde dat appellant bewust onjuiste informatie gaf over zijn problematiek en daarmee een behandeling die zijn kansen op succes van de regeling had kunnen vergroten, belemmerde. Tevens werd vastgesteld dat appellant zijn informatieplicht niet nakomt en bovenmatige nieuwe schulden heeft laten ontstaan. Het hof vond dat het plegen van misdrijven in strijd is met de doelstellingen van de regeling en dat appellant toerekenbaar tekortschiet in zijn verplichtingen.
Daarom werd het vonnis van de rechtbank bekrachtigd en de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling gehandhaafd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming en nieuwe schulden.