Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 786984/346, rolnr. CV EXPL 11-9476)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven, tevens houdende eiswijziging en het instellen van een voorwaardelijke incidentele vordering ex artikel 843a Rv;
- de memorie van antwoord (‘conclusie van antwoord’) in het voorwaardelijke incident;
- de rolbeslissing van 3 september 2013;
- de memorie van antwoord met producties;
- de akte van [appellant] in het voorwaardelijke incident;
- de antwoordakte van ASR in het voorwaardelijke incident;
- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd;
- de door [appellant] tijdens het pleidooi genomen akte met producties 1 t/m 5, welke akte met producties op voorhand bij brief van 10 juni 2014 door mr. Maliepaard naar het hof en ASR is gestuurd.
3.De beoordeling in de hoofdzaak
‘bij 13,00% prognose’fl. 171.500.000,- bedraagt. Voor deze prognose wordt verwezen naar een toelichting in de offerte waarin staat vermeld:
‘de waarde van de units’met een minimum van
‘op basis van een 13,00% prognose’, waarbij eveneens wordt verwezen naar de toelichting. Verder vermeldt de offerte dat tussentijdse opname van geld uiteraard niet meer zal leiden tot de genoemde waarde op de 72ste verjaardag.
‘De periode waarover basisunits worden toegewezen (de basisperiode) begint op 01-12-1991 en eindigt op 30-11-1994. De basisperiode is niet van toepassing op (aanvullende) koopsommen.’;
‘de waarde van de toegewezen units, welke mede zullen worden aangewend voor deze overlijdensuitkering, tegen biedkoers hoger is dan het overlijdenskapitaal, dan zal de uitkering naar rato worden verhoogd’.
‘Voor deze uitkering zullen geen toegewezen units worden onttrokken’;
- verschil verkoop/biedkoers;
- poliskosten;
- overlijdensdekking;
- gedurende de eerste vijf jaar: investering koopsom;
- ASR had [appellant] vóór het sluiten van de beleggingsverzekering juist en volledig moeten informeren over de kosten van het product, de kenmerken van het product (zoals de verzekerings- en de beleggingscomponent), de risico’s van het product en de fiscale behandeling van het product. ASR heeft [appellant] hierover echter onjuist en/of niet of onvolledig geïnformeerd;
- ASR had vóór het aanbieden van de beleggingsverzekering, al dan niet via de tussenpersoon, informatie bij [appellant] moeten inwinnen over zijn financiële positie, beleggingservaring, beleggingsdoelstelling en risicobereidheid;
- ASR had [appellant] vóór het sluiten van de beleggingsverzekering expliciet moeten waarschuwen voor de (specifieke) risico’s die daaraan waren verbonden, maar zij heeft dat nagelaten.
- ASR had [appellant] ook gedurende de looptijd van de beleggingsverzekering moeten informeren, onder meer over de waardeontwikkeling. Weliswaar heeft ASR [appellant] over de waardeontwikkeling geïnformeerd via de jaaroverzichten, maar ASR heeft [appellant] daarbij (bewust) onjuist en/of onvolledig geïnformeerd over de kosteninhoudingen.
- een verklaring voor recht dat ASR onrechtmatig jegens [appellant] heeft gehandeld door kosten in te houden die niet tussen partijen waren overeengekomen, en;
- ASR te veroordelen tot terugbetaling van de ten onrechte ingehouden kosten, vermeerderd met wettelijke rente,
precies13% zou zijn. Het zal echter niet voorkomen dat het rendement 72 jaar achter elkaar telkens precies 13% is. [appellant] heeft daaraan toegevoegd dat zelfs als het rendement
gemiddeld13% per jaar zou zijn, het beoogde eindkapitaal niet wordt behaald. [appellant] heeft deze laatste stelling toegelicht aan de hand van een berekening.
Richtlijn 93/13 is immers slechts van toepassing op overeenkomsten die na 31 december 1994 zijn gesloten (artikel 10 lid 1 tweede Pro alinea Richtlijn 93/13), waarbij het tijdvak waarin die overeenkomst vervolgens gevolgen teweeg brengt niet ter zake doet (aldus de beschikking van het Hof van Justitie van 3 juli 2014, C-92/14, inzake Tudoran c.s. tegen SC Suport Colect SRL (ECLI:EU:C:2014:2051)). Derhalve rust op het hof in dit verband geen ambtshalve taak, nu de onderhavige overeenkomst dateert van 1 december 1991.