Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
- verklaart het hoger beroep ongegrond, en
- bevestigt de uitspraak van de Rechtbank.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Belanghebbende betwistte de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, die door de heffingsambtenaar was vastgesteld op €310.000 per 1 januari 2012. De Rechtbank had het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het Hof.
Het Hof heeft het taxatierapport van de heffingsambtenaar als voldoende aannemelijk beoordeeld. De vergelijkingsobjecten waren vergelijkbaar en er was voldoende rekening gehouden met verschillen in kwaliteit, onderhoud, woninginhoud en grondoppervlakte. Het Hof verwierp het betoog van belanghebbende dat de waarde gebaseerd zou zijn op een vraagprijs en dat de vergelijkingsobjecten niet vergelijkbaar waren.
De door belanghebbende overgelegde taxatierapporten waren volgens het Hof onvoldoende geschikt vanwege onvergelijkbare objecten en verkoopdata die te ver van de waardepeildatum lagen. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de vergelijkingsobjecten niet identiek waren. Het Hof bevestigde daarmee de uitspraak van de Rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Het griffierecht werd niet terugbetaald en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door het Hof 's-Hertogenbosch op 7 mei 2015.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €310.000 wordt bevestigd.