ECLI:NL:GHSHE:2014:2032
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.W.J. Huige
- T.A. Gladpootjes
- J.A. Meijer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake fiscale aftrekbaarheid betaling afkoop huurovereenkomst door directeur-aandeelhouder
Belanghebbende, directeur en enig aandeelhouder van BV C, die moeder is van BV D, had mede als huurder een huurovereenkomst voor een bedrijfspand waarin BV D een seksclub exploiteerde. Door financiële problemen van BV D, die in 2008 haar bedrijf staakte, werd de huurovereenkomst afgekocht voor €40.000, waarvan belanghebbende €36.000 betaalde.
Belanghebbende wilde deze betaling fiscaal als negatief belastbaar inkomen uit werk en woning aftrekken op grond van artikel 3.92 van de Wet inkomstenbelasting 2001. De Inspecteur weigerde deze aftrek, stellende dat belanghebbende als medehuurder handelde of dat de betaling een informele kapitaalstorting betrof.
Het hof stelde vast dat belanghebbende onzakelijk handelde door zijn medehuurderschap niet op te zeggen en zonder vergoeding een aanzienlijk risico aanvaardde, wat alleen verklaard kan worden door zijn aandeelhouderschap in BV D. De betaling van €36.000 aan de verhuurder kwalificeert daarom als een indirecte kapitaalstorting in de BV, geen negatief resultaat uit werk en woning.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Een oordeel over verlies uit aanmerkelijk belang kon niet worden gegeven omdat BV D niet was ontbonden in het betreffende jaar.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de betaling van €36.000 geen negatief resultaat uit werk en woning is, maar een kapitaalstorting, en wijst het hoger beroep af.