ECLI:NL:GHSHE:2014:1070
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- I.B.N. Keizer
- M.G.W.M. Stienissen
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- Rechtspraak.nl
Betaling advocatendeclaraties en toepasselijkheid bijzondere rechtsgang WTBZ
De zaak betreft een geschil tussen De Jongens van Glazuur B.V. (JG BV) en een advocatenmaatschap over betaling van declaraties voor verleende juridische bijstand in een arbeidsrechtelijke procedure. JG BV werd door haar rechtsbijstandsverzekeraar ARAG bijgestaan, maar nadat de dekkingslimiet van de polis was bereikt, vorderde de advocatenmaatschap betaling van resterende facturen rechtstreeks van JG BV. JG BV weigerde deze te voldoen en voerde primair aan dat de gewone rechter bevoegd is omdat het geschil niet alleen over de hoogte van de declaraties gaat, en subsidiair dat de bijzondere procedure van de Wet tarieven in burgerlijke zaken (WTBZ) gevolgd moet worden.
De kantonrechter verklaarde zich onbevoegd omdat de hoogte van de declaraties betwist werd en verwees naar de WTBZ-procedure. JG BV stelde in hoger beroep dat zij met de advocaten een afspraak had dat kosten volledig door ARAG zouden worden vergoed, waardoor zij niet aansprakelijk zou zijn voor verdere betaling. Het hof oordeelde dat dit verweer niet onder de WTBZ valt en dat de gewone rechter hierover moet oordelen. JG BV kreeg de gelegenheid om bewijs te leveren van deze afspraak.
Indien JG BV slaagt in de bewijslevering, zal het hof het eerdere vonnis vernietigen en de vordering van de advocaten afwijzen. Indien niet, blijft de onbevoegdverklaring in stand. Het hof wees tevens op de bijzondere WTBZ-procedure voor geschillen over de hoogte van declaraties, die in dit geval subsidiair is aangevoerd. Het hof bepaalde dat getuigen zullen worden gehoord om de bewijslevering te beoordelen en stelde de zaak aan voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het hof laat bewijs toe over de betalingsafspraak en houdt verdere beslissing aan.