ECLI:NL:GHSHE:2012:BY7394
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte na intrekking hoger beroep in zaak openlijke geweldpleging
In deze strafzaak is verdachte in eerste aanleg veroordeeld voor openlijke geweldpleging tot een werkstraf van 150 uur, subsidiair 75 dagen hechtenis met aftrek van voorarrest. De benadeelde partij kreeg gedeeltelijk schadevergoeding toegewezen. Verdachte stelde hoger beroep in tegen het vonnis van de rechtbank.
De zaak werd op 30 oktober 2012 in hoger beroep behandeld, maar na aanvang van de terechtzitting trok verdachte zijn hoger beroep in. Hierdoor gaf verdachte aan zijn bezwaren tegen het vonnis niet te handhaven, waardoor het belang bij behandeling in hoger beroep kwam te vervallen.
Het hof constateerde dat de benadeelde partij zijn vordering tot schadevergoeding in hoger beroep wenste te handhaven, maar na overleg met de advocaat-generaal gaf de benadeelde aan geen bezwaar te hebben tegen het afzien van verdere behandeling. De advocaat-generaal vorderde daarop dat verdachte niet-ontvankelijk werd verklaard.
Het hof besloot verdachte niet-ontvankelijk te verklaren in het hoger beroep conform artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, omdat geen rechtens te beschermen belang meer bestond bij voortzetting van het hoger beroep.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep na intrekking van het beroep.