ECLI:NL:GHSHE:2012:BW7070
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- N.J.M. van Etten
- I.B.N. Keizer
- Th.J.A. Kleijngeld
- Rechtspraak.nl
Vordering tot betaling achterstallige huur en contractuele boete bij onderverhuur bedrijfsruimte
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de geïntimeerde gehouden was tot betaling van huur over de periode juli 2008 tot en met januari 2009 en of daarbij wettelijke handelsrente verschuldigd was. De appellant vorderde betaling van de huur, een contractuele boete en buitengerechtelijke kosten.
Het hof gaf de geïntimeerde een bewijsopdracht om aan te tonen dat partijen algehele kwijting waren overeengekomen of dat de appellant de onderverhuur had verhinderd. Uit getuigenverklaringen bleek dat er geen expliciete afspraak over kwijtschelding was en dat de appellant niet onredelijke eisen stelde aan onderverhuur.
Het hof oordeelde dat de geïntimeerde niet slaagde in haar bewijs en dat de vordering tot betaling van huur en contractuele boete toewijsbaar was. De wettelijke handelsrente was niet verschuldigd omdat de huurovereenkomst voor 8 augustus 2002 was gesloten. De gevorderde buitengerechtelijke kosten werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De geïntimeerde werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige huur en contractuele boete met rente, buitengerechtelijke kosten worden afgewezen.