ECLI:NL:GHSHE:2012:BW2274
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P. Fortuin
- V.M. van Daalen-Mannaerts
- J.A. Meijer
- Rechtspraak.nl
Vaststelling aantal vervuilingseenheden en vermindering aanslag verontreinigingsheffing
Na verwijzing door de Hoge Raad stond ter beoordeling hoeveel vervuilingseenheden belanghebbende in het jaar 2000 heeft geloosd. De hoofdregel van de Verordening vereist meting, bemonstering en analyse gedurende 365 dagen, maar deze gegevens ontbraken. Gegevens van twee meetweken waren beschikbaar, doch niet representatief bevonden.
De Verordening bevat geen bepaling voor schatting in dergelijke gevallen, zodat het hof het aantal vervuilingseenheden in goede justitie vaststelde op 1.000. Op basis hiervan werd de aanslag verminderd tot € 45.378.
Het Waterschap erkende immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn en vergoedde € 4.500. Tevens werd het Waterschap veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.
Belanghebbende was niet aanwezig bij de zitting, maar was tijdig en correct uitgenodigd. Het hof vernietigde de uitspraak van de Rechtbank en de aanslag van de Heffingsambtenaar, en wees het Waterschap aan als de partij die het griffierecht moet vergoeden.
Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad binnen zes weken na verzending van het arrest.
Uitkomst: Het hof stelde het aantal vervuilingseenheden vast op 1.000 en verminderde de aanslag tot € 45.378, met vergoeding van immateriële schade en proceskosten door het Waterschap.