ECLI:NL:GHSHE:2010:BO2144
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Schaafsma-Beversluis
- Rechtspraak.nl
Schorsing faillissementsgijzeling voor huwelijk zoon wegens zwaarwegend persoonlijk belang
De zaak betreft een verzoek tot schorsing van een faillissementsgijzeling die al meer dan zes maanden duurt. Appellant, bestuurder van een deurwaarderskantoor, werd in bewaring gesteld als dwangmiddel om informatie te verkrijgen over de vindplaats van een contant geldbedrag van €700.000 dat van de derdengeldenrekening was opgenomen en waarvan de bestemming onbekend is.
De rechtbank had het verzoek tot schorsing van de gijzeling afgewezen omdat het belang van de boedel zwaarder werd geacht dan het persoonlijke belang van appellant om het huwelijk van zijn zoon bij te wonen. Het hof oordeelt echter dat de schorsing van twee dagen gerechtvaardigd is omdat het dwangmiddel zijn prikkelende werking aan het verliezen is en appellant inmiddels enige medewerking verleent.
Het hof overweegt dat de schorsing geen afbreuk doet aan het doel van de gijzeling en dat het persoonlijke en emotionele belang van appellant en zijn familie bij het huwelijk zwaarder weegt dan het belang van de boedel. De schorsing wordt daarom toegewezen, waarbij het verzoek voor een langere of andere schorsing wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hof schorst de faillissementsgijzeling voor twee dagen zodat appellant het huwelijk van zijn zoon kan bijwonen.