ECLI:NL:GHSHE:2009:BK5494
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.J.M. Bongaarts
- J. Swinkels
- J.A. Meijer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over Canadese bronheffing en aftrek inningskosten bankcheques
Belanghebbende, een inwoner van Nederland die in Canada heeft gewoond, ontving in 2005 diverse Canadese pensioenuitkeringen waarop Canadese bronheffing werd ingehouden. De Inspecteur had deze bronheffing niet als voorheffing erkend bij de Nederlandse aanslag en weigerde aftrek van de kosten voor het innen van Canadese bankcheques.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het hof. Het hof overwoog dat het belastingverdrag tussen Nederland en Canada het progressievoorbehoud toestaat, waardoor de Canadese bronheffing niet als voorheffing kan worden verrekend. Verder oordeelde het hof dat de inningskosten van de bankcheques wel in aanmerking moeten worden genomen bij de waardering van het inkomen in het economische verkeer.
Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en de beslissing van de Inspecteur, stelde de aanslag vast op een lager belastbaar inkomen met aftrek van de inningskosten, en veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van de griffierechten en proceskosten van belanghebbende. Belanghebbendes verzoek om het verdrag buiten werking te stellen of anders te interpreteren werd afgewezen vanwege de scheiding der machten.
Uitkomst: Het hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank, erkent de aftrek van inningskosten en bevestigt dat Canadese bronheffing niet als voorheffing geldt.