ECLI:NL:GHSHE:2008:BU6634
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- Waaijers
- Zweers-Van Vollenhoven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kennelijk onredelijk ontslag wegens voorgewende reden en gevolgencriterium
Werknemer [X.] is ontslagen per 30 november 2003 door werkgever [Y.] wegens arbeidsongeschiktheid en het niet kunnen zelfstandig besturen van een bedrijfsauto. [X.] vordert herstel van de dienstbetrekking en schadevergoeding van €50.000, stellende dat het ontslag kennelijk onredelijk is vanwege een voorgewende of valse reden en subsidiair wegens het gevolgencriterium.
De werkgever baseerde het ontslag op het feit dat [X.] vanwege een ICD-implantaat niet zelfstandig mocht rijden en dat het bedrijf geen passende werkmogelijkheden bood zonder hulpmonteur. [X.] betwist dat het gebruik van een hulpmonteur niet gebruikelijk was en stelt dat servicemonteurs bij [Y.] standaard met een leerlingmonteur op pad gingen.
Het hof oordeelt dat de overgelegde werkbonnen over de periode 1 januari 2001 tot 11 juni 2001 bewijs kunnen leveren over de gebruikelijkheid van het werken met een hulpmonteur. Daarom wordt de werkgever gelast deze werkbonnen over te leggen. De beslissing over de gegrondheid van het ontslag wordt aangehouden totdat dit bewijs is geleverd en beoordeeld.
Ook de stelling dat het ontslag gebaseerd is op een valse reden wordt aangehouden. De zaak wordt verwezen naar de rol voor nadere bewijslevering en toelichting van de werkgever. Het hof wijst erop dat de versoepeling van het rijverbod in 2004 niet relevant is voor het ontslag in 2003.
Uitkomst: Beslissing aangehouden voor nadere bewijslevering over gebruik hulpmonteurs en beoordeling ontslaggrond.