ECLI:NL:GHSHE:2008:BC6189
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde vrijstaande woning na herzieningsbeschikking en beroep
De belanghebbende betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van haar vrijstaande woning, die aanvankelijk was vastgesteld op fl. 1.229.000 en na bezwaar was verminderd tot fl. 800.000. Het hof oordeelde dat sprake was van een fout bij de oorspronkelijke beschikking van fl. 2.000, veroorzaakt door een intoetsfout, welke fout redelijkerwijs kenbaar was voor de belanghebbende, zodat herziening mogelijk was.
Het geschil betrof vooral de juistheid van de gehanteerde referentieobjecten door de heffingsambtenaar. Het hof stelde vast dat meerdere referentieobjecten niet geschikt waren vanwege een te ver verwijderde verkoopdatum of een bouwjaar dat aanzienlijk afweek van dat van de onroerende zaak. Ook was het perceel van een referentieobject veel kleiner dan dat van de belanghebbende.
De heffingsambtenaar kon de verdedigde waarde niet aannemelijk maken, terwijl de belanghebbende geen taxatierapport overlegde. Het hof stelde daarom de waarde in goede justitie vast op fl. 660.000 (€ 299.494,94). Tevens werd de heffingsambtenaar veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht werd aan de belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op fl. 660.000 (€ 299.494,94) en de heffingsambtenaar wordt veroordeeld in de proceskosten.