ECLI:NL:GHSHE:2007:BC0181
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Pellis
- Smeenk-van der Weijden
- Everaars-Katerberg
- Rechtspraak.nl
Toewijzing kinderbijdrage bij hoger beroep ondanks ontbreken verzoek in eerste aanleg
Partijen zijn in 1988 te Turkije gehuwd en in 2006 door de rechtbank 's-Hertogenbosch gescheiden. Uit het huwelijk zijn drie minderjarige kinderen geboren over wie gezamenlijk gezag wordt uitgeoefend. In eerste aanleg heeft de vrouw geen verzoek gedaan om een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen, waardoor de rechtbank geen bijdrage heeft vastgesteld.
In hoger beroep verzoekt de vrouw alsnog een kinderbijdrage vast te stellen. De man betwist de ontvankelijkheid van dit verzoek omdat de vrouw in eerste aanleg geen verweer heeft gevoerd en geen wijziging van omstandigheden heeft gesteld. Het hof oordeelt dat op grond van jurisprudentie het verzoek tot nevenvoorzieningen ook voor het eerst in hoger beroep kan worden gedaan, ook zonder verweer in eerste aanleg.
Het hof stelt vast dat de man onvoldoende financiële stukken heeft overgelegd om zijn stelling van gebrek aan draagkracht te onderbouwen. Daarom gaat het hof ervan uit dat de man voldoende draagkracht heeft. Het verzoek van de vrouw wordt toegewezen voor een bedrag van €140 per kind per maand met ingang van de datum van indiening van het appelschrift. De vrouw wordt niet-ontvankelijk verklaard voor zover haar hoger beroep gericht is tegen de echtscheiding, nevenvoorzieningen en proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de vrouw om kinderbijdrage toe en legt de man een bijdrage van €140 per kind per maand op vanaf 5 april 2007.