ECLI:NL:GHSHE:2007:BB2719
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- P. Fortuin
- N. van Beelen
- V.M. van Daalen-Mannaerts
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt vaststelling terugkeerreserve op negatief bedrag na geschil met Inspecteur
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de vaststelling van de terugkeerreserve centraal, waarbij de belanghebbende en de Inspecteur van mening verschilden over de definitieve hoogte. De Inspecteur had in januari 2003 een berekening van de terugkeerreserve van negatief € 17.530 aangeboden en de belanghebbende had dit onvoorwaardelijk geaccepteerd.
De Inspecteur voerde aan dat de vaststelling afhankelijk was van instemming van de eenheid B/CPP van de rijksbelastingdienst, maar het Hof oordeelde dat deze instemming niet vereist was omdat de bevoegdheid daartoe bij de Inspecteur ligt volgens artikel 3:54a, vijfde lid van de Wet inkomstenbelasting 2001 en het besluit van de staatssecretaris van Financiën uit 2001. De belanghebbende mocht daarom redelijkerwijs vertrouwen op de berekening van de Inspecteur.
De Inspecteur stelde subsidiarisch dat een nieuwe overeenkomst was gesloten door aanvaarding van standaardvoorwaarden, maar het Hof verwierp dit omdat de belanghebbende deze voorwaarden niet volledig accepteerde en expliciet bezwaar maakte tegen het nader berekende bedrag.
Het Hof verklaarde het beroep van de belanghebbende gegrond, vernietigde de bestreden uitspraak en stelde de terugkeerreserve vast op negatief € 17.530. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten en werd het betaalde griffierecht aan de belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De terugkeerreserve wordt vastgesteld op negatief € 17.530 en het beroep van de belanghebbende wordt gegrond verklaard.