ECLI:NL:GHSHE:2007:BB0491
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Adriaansens
- Rechtspraak.nl
Geen ontbinding huurovereenkomst jegens medehuurster na huwelijk en hennepkwekerij
Wonenbreburg verhuurde een woning aan [X.], waarin een hennepkwekerij werd aangetroffen tijdens een politie-inval. Kort daarna trouwde [X.] met [Y.], die hierdoor van rechtswege medehuurster werd. Wonenbreburg vorderde ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van zowel [X.] als [Y.].
De kantonrechter sprak ontbinding uit jegens [X.] maar niet jegens [Y.], omdat zij medehuurster was geworden na het ontstaan van de hennepkwekerij en niet aansprakelijk kon worden gehouden voor de overtredingen. Het hof bevestigde deze uitspraak en verwierp de grieven van Wonenbreburg.
Het hof oordeelde dat het huwelijk automatisch de positie van medehuurster aan [Y.] gaf zonder beperking, ook als het huwelijk was gesloten met het oog op positieverbetering. Er was geen sprake van misbruik van recht of onaanvaardbaarheid. De sterke positie van de medehuurster volgens artikel 7:266 lid 3 BW Pro werd bevestigd, waardoor ontbinding jegens haar niet mogelijk was.
Wonenbreburg kon niet worden veroordeeld tot ontruiming van [Y.] en daarmee ook niet van [X.], die medehuurder werd door het huwelijk. Het vonnis van de kantonrechter werd bekrachtigd en Wonenbreburg werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de huurovereenkomst jegens de medehuurster niet kan worden ontbonden en ontruiming niet kan worden gelast.