ECLI:NL:GHSHE:2006:BA0411
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.J. van Muijen
- T. Blokland
- G.W.B. van Westen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen aanslag inkomstenbelasting 1996 wegens te late indiening
Belanghebbende stelde bezwaar in tegen een aanslag inkomstenbelasting over 1996, die was vastgesteld op een belastbaar inkomen van ruim één miljoen gulden. De Inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens te late indiening. Het hof bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de aanslag tijdig was opgelegd, mede door het verlenen van uitstel aan de belastingadviseur.
De procedure kende uitgebreide correspondentie over het juiste adres van belanghebbende in Polen en de verzending van de aanslag en begeleidende stukken. Ondanks dat de post meerdere malen werd aangeboden op het juiste adres, werd deze niet in ontvangst genomen. Het hof oordeelde dat dit risico voor rekening van belanghebbende komt.
Omdat het bezwaar niet binnen de wettelijke termijn van 42 dagen na dagtekening van de aanslag was ingediend, en geen verschoonbare omstandigheden waren gesteld, werd het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Het hof kwam daardoor niet toe aan inhoudelijke beoordeling van de bezwaren tegen de aanslag.
De uitspraak bevestigt dat tijdige indiening van bezwaar essentieel is en dat het risico van niet-ontvangen post bij de belanghebbende ligt. Proceskosten werden niet toegewezen en het griffierecht werd niet terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar te laat is ingediend en niet-ontvankelijk is.