ECLI:NL:GHSHE:2006:AV1634
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- Huurman-van Asten
- Bergkotte
- De Poorter
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding aan arts na vrijspraak moord en voorlopige hechtenis
Een anesthesioloog in opleiding werd verdacht van moord nadat hij morfine en dormicum had toegediend aan een stervende patiënt met ernstige ademhalingsproblemen. Hij werd preventief gedetineerd van 18 tot en met 26 juni 2003, maar uiteindelijk vrijgesproken omdat niet vaststond dat zijn handelen de dood had veroorzaakt en hij handelde met de intentie de symptomen te bestrijden.
Na zijn vrijspraak verzocht de arts om een schadevergoeding van 100.000 euro wegens de ondergane verzekering en voorlopige hechtenis. Het hof behandelde het verzoek en nam kennis van de conclusie van de advocaat-generaal die een gedeeltelijke toewijzing adviseerde.
Het hof oordeelde dat de materiële schade onvoldoende was onderbouwd en wees dat deel af, maar erkende de ernstige emotionele en professionele gevolgen van de detentie. Gezien de bijzondere omstandigheden, waaronder de impact op zijn opleiding en zijn beroep, kende het hof een billijke vergoeding toe van 50.000 euro.
Deze vergoeding moest binnen zes weken na uitspraak aan de arts worden betaald. Het hof benadrukte de ingrijpende ervaring voor de arts, die te goeder trouw had gehandeld, en stelde daarmee een precedent voor vergoeding bij onterechte voorlopige hechtenis in ernstige strafzaken.
Uitkomst: Het hof kent een schadevergoeding van 50.000 euro toe aan de arts wegens onterechte voorlopige hechtenis.