ECLI:NL:GHSHE:2005:AU6826
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Pouw
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopig getuigenverhoor ondanks bindend adviesprocedure in erfpachtgeschil
In deze civiele zaak gaat het om een geschil tussen ondererfpachters en hoofderfpachters over de voortzetting en financiële afwikkeling van een ondererfpachtsrecht op een appartement in een kasteel. De ondererfpachters verzochten om een voorlopig getuigenverhoor om feiten en omstandigheden te bewijzen die relevant zijn voor hun vorderingen.
De rechtbank wees dit verzoek af vanwege de voorgenomen bindend adviesprocedure, stellende dat getuigenverhoren in dergelijke procedures aan eigen regels zijn onderworpen en het initiatief bij de bindend adviseurs ligt. Het hof deelt deze terughoudendheid niet en oordeelt dat een voorlopig getuigenverhoor ook ter voorbereiding en beoordeling van de zinvolheid van de procedure kan dienen.
Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor toe, met beperkingen ten aanzien van het aantal te horen getuigen. Het hof wijst erop dat de rechter-commissaris in overleg met partijen kan bepalen of meer getuigen nodig zijn. De zaak wordt verwezen naar de rechtbank Maastricht voor benoeming van een rechter-commissaris die de verhoren zal houden.
Er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Het oordeel benadrukt dat ook in procedures met bindend advies de burgerlijke rechter een rol kan spelen bij het toetsen van feitelijke geschilpunten middels getuigenverhoren.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor toe en vernietigt de afwijzing door de rechtbank.