ECLI:NL:GHSHE:2005:AT9887
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Drijkoningen
- Den Hartog Jager
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over herstelkosten na beëindiging huurovereenkomst woning
De huurder was eerder huurder van een woning van Land van Rode. Na beëindiging van de huurovereenkomst vorderde Land van Rode herstelkosten van ruim fl. 26.000,- wegens beschadigingen en niet-uitgevoerd onderhoud. De kantonrechter matigde deze vordering tot fl. 18.000,-. Land van Rode ging in hoger beroep en eiste een bedrag van € 9.215,44 (ongeveer fl. 20.308,16).
Het hof onderzocht de aanvullende overeenkomsten uit 1992 en 1995 waarin de huurder zich verplichtte de woning in oorspronkelijke staat terug te geven en bepaalde herstelwerkzaamheden uit te voeren. De vordering rust mogelijk op nakoming van deze aanvullende overeenkomsten, gebreken veroorzaakt door de huurder, en achterstallig onderhoud.
Het hof constateerde dat de matiging door de kantonrechter niet betwist werd door Land van Rode, maar wel door de huurder. De matiging op grond van artikel 6:109 BW Pro geldt echter alleen voor wettelijke schadevergoedingsverplichtingen, niet voor contractuele. De huurder kon zich daarom niet beroepen op zijn geringe draagkracht. Het hof stelde partijen in de gelegenheid om nadere toelichting te geven en een minnelijke regeling te beproeven, en bepaalde een comparitie.
De zaak werd aangehouden om nadere stukken en standpunten te bespreken, waarbij ook de vraag van de verschuldigde BTW aan de orde kwam. De uitspraak werd gewezen door Van Etten, Drijkoningen en Den Hartog Jager op 29 maart 2005.
Uitkomst: De zaak is aangehouden voor een comparitie om de herstelkosten en contractuele verplichtingen nader te bespreken en een minnelijke regeling te beproeven.