ECLI:NL:GHSHE:2004:AO4908
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrekbaarheid valuta transferkosten en premie AWBZ bij emigratie
Belanghebbende, woonachtig in de Verenigde Staten sinds 1992, maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 1999. Hij stelde dat valuta transferkosten van fl. 1.240,= in verband met omwisseling van Nederlandse guldens in Amerikaanse dollars als verwervingskosten in mindering gebracht moesten worden op het belastbare inkomen. Tevens betwistte hij de heffing van de AWBZ-premie over 1999, omdat hij vanaf 1 januari 2000 niet meer verzekerd zou zijn op grond van een wetswijziging.
Het hof oordeelde dat de verhuizing naar de VS geen verband hield met de verwerving of inning van de inkomsten, waardoor de valuta transferkosten niet als aftrekbare kosten konden worden beschouwd. Deze kosten werden gelijkgesteld aan uitgaven voor de aankoop van vakantievaluta, die niet aftrekbaar zijn. Ten aanzien van de AWBZ-premie stelde het hof vast dat belanghebbende in 1999 nog verzekerd was en premie verschuldigd was, ongeacht de latere wetswijziging.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Het hof wees ook een vergoeding van het griffierecht af en veroordeelde partijen niet in de proceskosten. De uitspraak werd openbaar gedaan op 12 januari 2004 en er werd gewezen op de mogelijkheid tot cassatie binnen zes weken.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat valuta transferkosten niet aftrekbaar zijn en de AWBZ-premie over 1999 terecht is geheven.