ECLI:NL:GHSHE:2003:AK3826
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- P. Fortuin
- J.W. Verstraate
- M.E. van Hilten
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ondernemerschap en fiscale eenheid voor omzetbelasting bij managementvergoedingen
De zaak betreft een geschil over de vraag of belanghebbende ondernemer is in de zin van artikel 7 van Pro de Wet op de omzetbelasting 1968 en of zij met E B.V. een fiscale eenheid vormt. Na een statutenwijziging verrichtte belanghebbende managementactiviteiten voor E B.V. en ontving zij daarvoor managementvergoedingen die als omzet werden verantwoord, zonder omzetbelasting af te dragen.
Belanghebbende stelde dat zij niet als ondernemer moest worden aangemerkt en dat zij kon vertrouwen op het niet uitreiken van aangiftebiljetten door de Inspecteur. Tevens beriep zij zich op een holdingresolutie en het arrest van de Hoge Raad van 14 maart 2001. Het hof verwierp deze argumenten en oordeelde dat belanghebbende wel ondernemer is, dat het uitblijven van aangiftebiljetten geen rechtens beschermd vertrouwen schept, en dat de holdingresolutie niet van toepassing is door wezenlijke feitelijke veranderingen.
Verder stelde het hof vast dat geen formele beschikking is afgegeven voor een fiscale eenheid tussen belanghebbende en E B.V., wat een constitutieve voorwaarde is voor het bestaan daarvan. Belanghebbende en E B.V. vormen daarom geen fiscale eenheid. De naheffingsaanslag is terecht opgelegd en het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag omzetbelasting wegens het ontbreken van een fiscale eenheid en het ondernemerschap van belanghebbende.