ECLI:NL:GHSHE:2002:AE3148
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling KabNA-aftrek en autokostenvergoeding bij uitzending naar Curaçao
Belanghebbende, werkzaam als gerechtssecretaris bij het ministerie van Justitie, was van oktober 1995 tot september 1998 uitgezonden naar Curaçao in dienst van het Kabinet voor Nederlands-Antilliaanse en Arubaanse Zaken (KabNA). Tijdens deze uitzending ontving hij een compensatievergoeding ADV vanwege een 40-urige werkweek, terwijl het Nederlandse salaris gebaseerd was op een 38-urige werkweek. Hij maakte aanspraak op een zogenaamde KabNA-aftrek en een aftrek voor autokosten op grond van het gelijkheidsbeginsel.
De Inspecteur had de aanslag verminderd, maar niet met inachtneming van de ADV-compensatie en de autokostenvergoeding. Belanghebbende stelde dat hij recht had op aftrek van de ADV-compensatie en een autokostenvergoeding van ƒ 250 per maand, zoals KabNA-ambtenaren ontvangen.
Het hof oordeelde dat de KabNA- en Defensie-ambtenaren alleen op basis van een 38-urige werkweek worden uitgezonden en de toelagen daarop zijn gebaseerd. Daarom kan de ADV-compensatie van belanghebbende, die 40 uur per week werkte, niet worden meegenomen bij de KabNA-aftrek. Daarnaast kon belanghebbende geen aannemelijke feiten overleggen omtrent de autokostenvergoeding, zodat deze aftrek werd geweigerd.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de Inspecteur. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de aanslag zonder aftrek van de ADV-compensatie en autokostenvergoeding.