ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ0448
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake aanslag inkomstenbelasting en verrekening verliezen 2008
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting over 2008 met een vastgesteld belastbaar inkomen uit werk en woning van € 4.257, dat ambtshalve werd verminderd tot € 2.289. Hij claimde een negatief resultaat uit overige werkzaamheden en een groot restant persoonsgebonden aftrek, maar de Inspecteur wees deze aftrekposten af. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat sprake was van een bron van inkomen en dat hij recht had op de geclaimde aftrekposten.
In hoger beroep bracht belanghebbende geen nieuwe gronden aan. Het hof volgde de rechtbank en oordeelde dat de aanslag correct was vastgesteld, mede omdat de aanslag nihil was en een lagere aanslag niet mogelijk was. Tevens wees het hof het verzoek om toepassing van de Wet dwangsom af, omdat geen aanleiding was voor het opleggen van een dwangsom wegens niet tijdig beslissen.
Het hof ging ook in op de klachten over de lange termijn voor beantwoording door de Inspecteur en concludeerde dat dit niet tot vermindering van de aanslag leidt. De proceskosten werden niet aan belanghebbende opgelegd. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.