ECLI:NL:GHSGR:2012:BY7079
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- H.A.J. Kroon
- P.J.J. Vonk
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt afwijzing herinvesteringsreserve bij verkoop bedrijfspand
Belanghebbende verkocht in 2006 een bedrijfspand en wilde de fiscale winst doteren aan een herinvesteringsreserve (HIR) conform artikel 3.54 Wet IB 2001. De Inspecteur weigerde dit, stellende dat geen aannemelijk herinvesteringsvoornemen bestond. De rechtbank oordeelde aanvankelijk in het voordeel van belanghebbende, maar het Hof vernietigde deze uitspraak.
Het Hof stelde vast dat het voornemen tot herinvestering niet alleen op interne wil moet berusten, maar moet blijken uit concrete gedragingen en handelingen. Belanghebbende kon dit niet aannemelijk maken; de bouwvergunning voor een nieuw pand was vóór de verkoop ingetrokken en er waren geen nieuwe voorbereidingen.
De investeringen in 2008 in de Verenigde Staten werden door belanghebbende niet als bewijs voor het herinvesteringsvoornemen in 2006 aangemerkt. Het Hof concludeerde dat alleen eenzijdige verklaringen van belanghebbende aanwezig waren, onvoldoende om het voornemen aan te tonen.
Daarom werd het hoger beroep van de Inspecteur gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de aanslag conform het bezwaar gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank en bevestigt de aanslag van de Inspecteur omdat het herinvesteringsvoornemen niet aannemelijk is gemaakt.