ECLI:NL:GHSGR:2012:BY2991
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A. Dupain
- A.V. van den Berg
- E.M. Dousma-Valk
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Staat bij onrechtmatige uithuisplaatsing en ondertoezichtstelling minderjarige
De zaak betreft een minderjarige met de diagnose PDD-NOS en ernstige gedragsproblemen, die vanaf 2005 onder toezicht van Bureau Jeugdzorg stond en in een justitiële jeugdinrichting werd geplaatst. De Staat werd aangesproken wegens onrechtmatige plaatsing en het onthouden van passende behandeling.
De kinderrechter had meerdere malen machtigingen tot uithuisplaatsing gegeven en verlengd, waarbij de minderjarige aanvankelijk in een strafrechtelijke groep in Het Poortje verbleef. Door capaciteitsproblemen en ongeschikte behandelplaatsen duurde het lang voordat hij werd overgeplaatst naar een meer passende instelling, Rentray. De rechtbank oordeelde dat de Staat onrechtmatig had gehandeld door onnodige vertraging en het niet bieden van individuele behandeling.
Het hof bevestigde dit oordeel, benadrukte dat de crisisplaatsing in Het Poortje gerechtvaardigd was, maar dat de Staat onnodige vertraging veroorzaakte door aanmelding bij een ongeschikte instelling. De klachten over de aanwezigheid van een meerderjarige zedendelinquent in de groep werden niet als onrechtmatig handelen van de Staat aangemerkt.
De schadevergoeding werd vastgesteld op €5.000, waarbij het hof de situatie van de minderjarige vergeleek met die van een pij-passant en rekening hield met de verbeterde situatie in Rentray. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde de appellant in de proceskosten.
Uitkomst: De Staat is aansprakelijk voor onrechtmatige vertraging bij plaatsing van de minderjarige in een geschikte justitiële jeugdinrichting en moet €5.000 schadevergoeding betalen.