ECLI:NL:GHSGR:2012:BX1656
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling opzegging huurovereenkomst na faillissement welzijnsstichting zonder misbruik van bevoegdheid
Salza, een welzijnsstichting, was huurder van een perceel met daarop het buurthuis Kubiek. Na het faillissement van Salza op 21 november 2007 zegde de gemeente de huurovereenkomst op grond van artikel 39 Faillissementswet Pro met inachtneming van de opzegtermijn. De curator betwistte de rechtmatigheid van deze opzegging en vorderde schadevergoeding wegens gemiste huurinkomsten en investeringen.
Het hof stelt vast dat de gemeente een gerechtvaardigd belang had bij opzegging, omdat Salza door het faillissement haar welzijnstaken niet meer kon uitvoeren en het buurthuis inmiddels door een derde, Diverz, werd geëxploiteerd. De curator kon niet aannemelijk maken dat de opzegging onredelijk of misbruik van bevoegdheid was, mede omdat het buurthuis grotendeels met overheidssubsidies was gefinancierd.
De curator voerde aan dat de gemeente financieel voordeel zocht door het opstalrecht te beëindigen en dat Salza investeringen niet kon terugverdienen. Het hof oordeelde dat deze stellingen onvoldoende concreet waren onderbouwd en dat de curator geen recht had op schadevergoeding. Ook de vordering tot terugbetaling van verzekeringspremies werd afgewezen, omdat de curator deze bij de verzekeraar moest verhalen.
Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter en wees de vorderingen van de curator af, veroordeelde hem in de proceskosten van alle instanties en bevestigde dat de opzegging rechtsgeldig was.
Uitkomst: De vorderingen van de curator worden afgewezen en de opzegging van de huurovereenkomst door de gemeente is rechtsgeldig.