ECLI:NL:GHSGR:2011:BV0869
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- P.A.G.M. Cools
- J. Swinkels
- M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over waardering alimentatieverplichting en advocaatkosten in box 3
Belanghebbende is gescheiden en betaalt alimentatie aan zijn voormalige echtgenote. De waardering van deze alimentatieverplichting in box 3 van de inkomstenbelasting voor het jaar 2007 stond centraal in het geschil. De Rechtbank had de alimentatieverplichting op contante waarde gewaardeerd, maar het Hof moest beoordelen of de toegepaste contantmakingsfactoren en leeftijdsaanpassingen correct waren.
Het Hof oordeelde dat de alimentatieverplichting op contante waarde moet worden gewaardeerd volgens artikel 19 van Pro het Uitvoeringsbesluit IB 2001, waarbij rekening wordt gehouden met levensverwachting en wettelijke indexatie. De stelling van belanghebbende dat de leeftijdsaanpassing discriminerend zou zijn, werd verworpen. Tevens werd geoordeeld dat advocaatkosten die pas in 2010 gefactureerd werden, maar betrekking hadden op werkzaamheden tot 2007, wel als schuld in box 3 in aanmerking genomen moeten worden.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de Rechtbank en de Inspecteur, stelde de alimentatieverplichting en advocaatkosten op juiste waarde vast, en verminderde de aanslag tot een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van €150. Daarnaast werd het griffierecht vergoed en de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 2007 verminderd door correcte waardering van alimentatieverplichting en advocaatkosten in box 3.