ECLI:NL:GHSGR:2011:BU7112
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.A. Tan-de Sonnaville
- M.J. van der Ven
- E.M. Dousma-Valk
- Rechtspraak.nl
Uitleg en ontbindingsoverwegingen bij familiegeschil over Duits vakantiehuis
Partijen, zusters, zijn in geschil over de afwikkeling van een vakantiehuis in Duitsland dat toebehoorde aan hun overleden vader. In 1983 werd overeengekomen dat het vakantiehuis gezamenlijk zou worden toegescheiden, elk voor de helft. In 2005 werd afgesproken dat degene met het hoogste bod het vakantiehuis zou overnemen, met een betaling binnen één maand aan de Nederlandse notaris.
De geïntimeerde bood hoger dan appellante en betaalde tijdig aan de notaris, waarna zij de verdere afwikkeling in Duitsland regelde. Appellante stelde dat de afspraken niet tijdig en volledig werden nagekomen, vorderde ontbinding van de overeenkomst en levering van het huis aan haar. De rechtbank wees deze vorderingen af.
Het hof oordeelt dat de overeenkomst niet vereiste dat de gehele afwikkeling, inclusief eigendomsoverdracht in Duitsland, binnen één maand moest plaatsvinden. De sanctie van het 'nooddraaiboek' was alleen verbonden aan de betaling aan de notaris, die tijdig is voldaan. Er is geen contractuele tekortkoming van geïntimeerde gebleken die ontbinding rechtvaardigt. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.