ECLI:NL:GHSGR:2011:BR3535
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.E. Mos-Verstraten
- C.J. van der Wilt
- G.J. Fleers
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie
De verdachte werd in eerste aanleg vrijgesproken van het bezit van een vuurwapen en munitie. De officier van justitie stelde hoger beroep in. Tijdens het hoger beroep werd geoordeeld dat de eerste verklaring van verdachte niet als bewijs kon dienen omdat hij niet voorafgaand aan het verhoor een raadsman kon raadplegen, in strijd met het Salduz-arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
Desondanks achtte het hof op basis van andere bewijsmiddelen bewezen dat verdachte op 19 juli 2009 in Rotterdam een revolver van het merk Rohm, type Little Joe, kaliber .22 LR, met vijf kogelpatronen in bezit had. De verdachte had kennis van het wapen in de auto die hij bestuurde.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 4 maanden, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Het hof hield rekening met eerdere veroordelingen van verdachte en de ernst van het feit, maar matigde de straf ten opzichte van de eis van de advocaat-generaal.
De straf is verminderd omdat het wapen alleen in de auto aanwezig was en niet op andere wijze gebruikt. De tijd in voorarrest wordt in mindering gebracht op het onvoorwaardelijke deel van de straf. Het arrest werd gewezen op 21 april 2011 door het hof te 's-Gravenhage.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 4 maanden gevangenisstraf, waarvan 2 maanden voorwaardelijk, voor het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie.