ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ7135
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.A.F. Tan-de Sonnaville
- H.J.H. van Meegen
- R. van der Vlist
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor schade door onjuiste constructieberekeningen fundering woning
Het geschil betreft scheurvorming en zettingen in de aanbouw van een woning, veroorzaakt door onvoldoende draagkracht van funderingspalen. De rechtbank stelde vast dat de constructeur onjuiste draagkrachtberekeningen had gemaakt, wat de oorzaak was van de schade.
In hoger beroep heeft het hof de eerdere bevindingen bevestigd. Diverse deskundigenrapporten, waaronder het rapport Kastelein en het aanvullend rapport Loos, tonen aan dat de funderingspalen onvoldoende draagkracht hadden, ondanks variërende aannames. De constructeur slaagde er niet in dit bewijsvermoeden te ontzenuwen.
De vorderingen van de geïntimeerde tot waardevermindering van de woning en aanvullende herstelkosten zijn afgewezen wegens gebrek aan voldoende onderbouwing. Ook de vordering voor kosten van een raadgevend bureau is afgewezen omdat het rapport niet is overgelegd.
Het hof bekrachtigt de vonnissen van de rechtbank, wijst de vermeerderde vorderingen af en veroordeelt de partijen in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de aansprakelijkheid van de constructeur voor de schade door onjuiste constructieberekeningen en wijst vermeerderde vorderingen af.