ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ2135
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis rechtbank inzake schadevergoeding door onrechtmatige beslaglegging
In deze civiele procedure staat de vraag centraal of Krustanord aansprakelijk is voor schade die Ibromar heeft geleden door onrechtmatige beslaglegging. Ibromar had beslag gelegd op goederen van Krustanord, en Krustanord legde op haar beurt beslag op goederen van Ibromar. De rechtbank oordeelde dat het beslag van Krustanord onrechtmatig was omdat de vordering waarop het beslag was gebaseerd ongegrond was.
Krustanord stelde dat het beslag niet onrechtmatig was en dat Ibromar geen schade had geleden, maar het hof oordeelde dat het bestaan van schade aannemelijk was gemaakt door Ibromar, onder meer door onderbouwing van opslagkosten en klantverlies. Het hof verwierp het verweer van Krustanord dat Ibromar het beslag had kunnen voorzien en dat er bijzondere omstandigheden waren die aansprakelijkheid uitsluiten.
Het hoger beroep van Krustanord werd verworpen en het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank. Krustanord werd veroordeeld tot vergoeding van de schade die Ibromar heeft geleden en tot betaling van de proceskosten in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt Krustanord tot schadevergoeding wegens onrechtmatige beslaglegging.