ECLI:NL:GHSGR:2010:BO8014
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid werkgever voor arbeidsongeval en bewijswaardering in hoger beroep
In deze civiele zaak vordert een werknemer schadevergoeding wegens een arbeidsongeval dat op 16 of 17 juli 2001 plaatsvond tijdens werkzaamheden bij Air Liquide op het terrein van Dow. De werknemer stelt dat de werkgever, Watco, tekort is geschoten in haar zorgplicht en dat het ongeval heeft geleid tot zijn arbeidsongeschiktheid sinds oktober 2001.
De kantonrechter stelde de aansprakelijkheid van Watco vast, waarbij het hof de bewijswaardering bevestigt en oordeelt dat het arbeidsongeval heeft plaatsgevonden. De verklaringen van de werknemer en getuigen worden als samenhangend en overtuigend beoordeeld, ondanks dat de werkgever de melding van het ongeval niet als zodanig heeft geïnterpreteerd.
Het hof stelt echter vast dat het causaal verband tussen het ongeval en de arbeidsongeschiktheid niet is bewezen, mede vanwege de uitgebreide medische voorgeschiedenis van de werknemer en het ontbreken van medische onderbouwing voor de ernst van het geweld tijdens het ongeval. De werkgever heeft haar zorgplicht geschonden door het toestaan van een gevaarlijke werkwijze zonder koppelingsstuk, maar bewuste roekeloosheid van de werknemer is niet vastgesteld.
De zaak wordt aangehouden voor een comparitie van partijen om nadere inlichtingen te verkrijgen, een deskundigenbericht te bespreken en de mogelijkheid van een minnelijke regeling te verkennen. Partijen worden verplicht relevante medische en processtukken te overleggen ter voorbereiding.
Uitkomst: Het hof bevestigt het arbeidsongeval en de aansprakelijkheid van Watco, maar houdt verdere beslissing aan vanwege onvoldoende bewijs causaal verband.