ECLI:NL:GHSGR:2010:BM8474
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging heffing precariobelasting op elektriciteits- en gasleidingen ondanks beroep op vrijstelling
Belanghebbende, een dochtermaatschappij van N.V. [A], beheert het leidingnetwerk voor gas en elektriciteit in de gemeente Leiden. Zij betoogde dat zij vrijstelling van precariobelasting moest krijgen omdat de leidingen door of namens de gemeente waren aangelegd in het kader van een publiekrechtelijke taak. De rechtbank wees dit beroep af en stelde dat het beheer van de netten geen publiekrechtelijke taak is in de zin van de verordening.
In hoger beroep bevestigde het Gerechtshof dit oordeel. Het hof overwoog dat de leidingen weliswaar door gemeentelijke diensten waren aangelegd, maar dat het beheer en de exploitatie door een privaatrechtelijke rechtspersoon geschiedt. De vrijstelling geldt alleen voor voorwerpen die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van een publiekrechtelijke taak door een publiekrechtelijk lichaam, wat hier niet het geval is.
Daarnaast stelde belanghebbende dat het tarief voor de precariobelasting willekeurig en onredelijk was vastgesteld. Het hof oordeelde dat de tariefstelling, met een vast bedrag voor de eerste 20 meter en een bedrag per volgende meter, niet willekeurig of onredelijk is. De gemeente is niet verplicht een rechtevenredig of degressief tarief te hanteren.
Het hof verwierp ook de overige bezwaren van belanghebbende, waaronder het beroep op het motiveringsbeginsel en het verbod op détournement de pouvoir. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de heffing van precariobelasting en wijst het hoger beroep van belanghebbende af.