ECLI:NL:GHSGR:2010:BM5045
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag en boete motorrijtuigenbelasting voor onjuiste bestelautokwalificatie
Belanghebbende werd een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting opgelegd voor de periode 2 januari 2007 tot en met 3 november 2007, omdat zijn voertuig niet voldeed aan de wettelijke eisen voor het bestelautotarief. De Inspecteur handhaafde deze naheffing en de boete van gelijke hoogte. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, matigde de boete tot €135 en bepaalde dat het griffierecht aan belanghebbende werd vergoed.
In hoger beroep bevestigde het hof dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd, omdat belanghebbende zelf verantwoordelijk is voor de juiste aangifte en betaling van motorrijtuigenbelasting, ongeacht de registratie bij de RDW of de technische complexiteit van het voertuig. Het hof oordeelde dat de auto een personenauto is en niet als bestelauto kan worden belast.
De boete werd door het hof wel gematigd, maar niet zo ver als door de rechtbank. Het hof stelde de boete vast op 20% van de nageheven belasting (€270), gelet op de geringe mate van verwijtbaarheid en het feit dat belanghebbende het voertuig uitsluitend zakelijk gebruikte. Het hoger beroep van de Inspecteur werd gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van belanghebbende ongegrond.
Uitkomst: De naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting wordt gehandhaafd en de boete verlaagd tot 20% van de nageheven belasting.