ECLI:NL:GHSGR:2010:BL7072
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- B. van Walderveen
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt boete van 50% wegens opzettelijk niet aangeven buitenlandse banktegoeden
Belanghebbende exploiteerde een kapsalon en hield banktegoeden aan bij Kredietbank Luxembourg die niet waren opgegeven in de belastingaangiften. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag en een vergrijpboete van 50% op wegens het niet aangeven van omzet die op die rekening was gestort.
Belanghebbende voerde aan dat zij niet was gewezen op het zwijgrecht en dat de boete onrechtmatig was opgelegd, mede vanwege het gebruik van microfiches en vermeende schending van de Bijstandsrichtlijn. De rechtbank vernietigde de boetebeschikking, maar het hof herzag dit oordeel.
Het hof oordeelde dat de boete terecht was opgelegd, dat de mededeling omtrent de boete aan de vereisten voldeed, en dat de informatie verkregen via microfiches niet onrechtmatig was. De boete werd verminderd met 10% wegens overschrijding van de redelijke termijn. Het beroep van de Inspecteur werd gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van belanghebbende ongegrond.
Uitkomst: Boete van 50% wegens opzettelijk niet aangeven buitenlandse banktegoeden bevestigd, verminderd met 10% wegens termijnoverschrijding.