ECLI:NL:GHSGR:2009:BK6984
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontbinding koopovereenkomst wegens hinderlijke bodemverontreiniging en redelijkheid en billijkheid
De zaak betreft een geschil tussen tuinders en kopers over gekoppelde koopovereenkomsten van percelen tuinland en een perceel van Hoogheemraadschap Delfland. De koopovereenkomsten bevatten een ontbindende voorwaarde die het mogelijk maakt de overeenkomst te ontbinden indien bodemonderzoek hinderlijke verontreiniging aan het licht brengt.
Na bodemonderzoek door BMA Milieu B.V. werd een verontreiniging vastgesteld die volgens het hof hinderlijk was voor het voorgenomen gebruik en de afgifte van een bouwvergunning belemmerde. De tuinders betwistten dit en stelden dat de verontreiniging was overschat en inmiddels gesaneerd, maar het hof vond dat de gegevens juist de stellingen van de kopers bevestigden.
De tuinders voerden aan dat het beroep op de ontbindende voorwaarde onaanvaardbaar was op grond van redelijkheid en billijkheid en dat eerst nakoming had moeten worden geboden. Het hof oordeelde dat de ontbindende voorwaarde correct was uitgelegd en dat het beroep daarop niet onaanvaardbaar was. De koppeling tussen de koopovereenkomsten en de mogelijkheid tot ontbinding binnen de gestelde termijn was rechtsgeldig.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de voorzieningenrechter en veroordeelde de tuinders in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd uitgesproken door drie raadsheren van het gerechtshof 's-Gravenhage op 1 december 2009.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst het hoger beroep van de tuinders af.