ECLI:NL:GHSGR:2005:AU3520
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Sanders
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrek omzetbelasting op cateringkosten bij bedrijfsfeesten
Belanghebbende, een ondernemer in de installatietechniek, organiseerde in 1994 en 1997 bedrijfsfeesten waarbij cateringdiensten werden geleverd, inclusief spijzen en dranken die ter plaatse werden genuttigd in een partytent op het bedrijfsterrein.
De inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op omdat hij van mening was dat de voorbelasting op deze verstrekkingen niet aftrekbaar was volgens artikel 15, vijfde lid, van de Wet OB. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze naheffingsaanslag, maar dit werd afgewezen.
In hoger beroep bij het gerechtshof stond centraal of de verstrekte spijzen en dranken ter plaatse werden gebruikt op een locatie die niet onafhankelijk was van de bedrijfsvoering van de verstrekker. Het hof oordeelde dat dit het geval was, waardoor de aftrek van omzetbelasting niet gerechtvaardigd was.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en wees een veroordeling in proceskosten af. De uitspraak verving de eerdere mondelinge uitspraak van 1 maart 2002.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag omzetbelasting.